Speurhoekjes

Dijlewolvenpad
Klik op de kaart voor een vergroting
RA, ra!
Los de raadsels op, onthoud of noteer de letters
en vind de naam van een voorjaarsbloem.

Luisterhoek

Luister eens naar mijn gezang
Het klinkt als belletjes van champagn’
Ik ben steeds alleen, nooit met velen
want ik heb niet leren delen
Geef me lekkers bij sneeuw en vorst
Ik ben een kleine ………………………….

(Neem de eerste letter.)

Dijlewolvenlied

Het Dijlewolvenlied

Onder grote sterke bomen
staat dit huisje nog te huur
ideaal om weg te dromen
en ’t is helemaal niet duur

Meer weten .....

Piepen & zwijgen

Vroeger hadden de mensen geen schoenen. Ze droegen klompen. En die klompen werden gekapt uit wilgenbomen. Wilgenhout is niet alleen licht en zacht. Het heeft ook toverkracht. Of beter, er zit salicylzuur in. Salicylzuur verzacht de pijn bij teenknobbels, eksterogen en blaren. Ideaal voor mensen die de hele dag op klompen moeten lopen.
Maar goed, welkom in de wilgenhut. Deze iglo is gemaakt van jonge takken van de wilg. Wilgentenen noemen ze zulke takken. Ze zijn flexibel en ze groeien snel. Vroeger maakten de mensen manden van wilgentenen.
Eigenlijk is deze hut een omgekeerde mand. Of een omgekeerd vogelnest, dat kan ook. Laat anders maar eens van je horen. Piep! Dit nest is van ons! Daarom zingen vogels liedjes, om te laten horen wie de baas is. Of omdat ze honger hebben. Piep!
Vooral kleine roodborstjes kunnen heel hard piepen om eten te vragen. Soms maken ze zoveel kabaal dat ook andere vogels ze een hapje komen brengen. Gewoon om van de miserie af te zijn. Piep! En nu zwijgen.

Doen!

Pak links en rechts een oor van je buur vast en draai voorzichtig een kringetje in de wilgenhut. In stilte graag! A.u.b. niet piepen.

Kijkhoek

Ik ben zwart en groot als een kraai
en maak ook lekker veel lawaai
Maar mijn mooie witte veren
moeten kraaien toch ontberen
Pica pica in ’t Latijn
Dan moet ik wel een ……………….. zijn!

(Neem de eerste letter.)

Dijlewolvenlied

Het Dijlewolvenlied

Wil jij ook een beetje proeven
van een bolletje met vet?
Van een snoer met pindanoten?
Of liever meelwormenkroket?

Meer weten .....

Glitters & geheimen

Naar vogels kun je blijven kijken. Tenminste als je niet te veel lawaai maakt en zelf een beetje onzichtbaar bent. Door de gaatjes in deze takkenmuur kun je kijken zonder zelf gezien te worden.
Kijk maar eens goed. Naar de merel. Naar het roodborstje. Of naar de pimpelmees. Het maakt niet uit. De knieën van vogels staan allemaal achterstevoren. Vogelpootjes plooien allemaal binnenstebuiten. Dat komt omdat vogelknieën eigenlijk geen knieën zijn, maar enkels!
Eerst zie je nagels en teentjes, dan volgen de voetjes en de omgekeerde knieën. Of beter de enkels. Vogelknieën zijn er wel, maar ze zitten verborgen onder het verenkleed. Vogelknieën zijn een geheim. Je kunt ze niet zien!
Twinkel, twinkel, hier komt nog een geheim. Mensen zien alle kleuren van de regenboog. Maar vogels zien een kleur extra: ultraviolet! Daarom klagen vogels nooit over grijze dagen. Ze zien de stralen van de zon door de wolken heen. Plus! Ultraviolet – noem het anders vogelkleur – strooit extra glitters over het verenkleed van vogels. Twinkel, twinkel!

Doen!

De groene specht heeft een heel lange tong. Die tong zit onzichtbaar opgerold in zijn kop. Je ziet ze alleen als de specht ze uitsteekt, bijvoorbeeld om mieren op te likken. Dan heeft hij een tong van wel 10 centimeter lang. Steek je tong uit en vertel elkaar een geheim!

Zoemhoek

Bijen zijn verzot op mij
Ook de mensen maak ik blij
Tel je tot 4, heb je geluk
en kan jouw dag vast niet meer stuk
Ook een paard snoept tussen de haver
graag eens van wat zachte ……………………..

(Neem de eerste letter.)

Dijlewolvenlied

Het Dijlewolvenlied

ZZZZZZZZ
ZZZZZZZ
ZZZZZZZZ
ZZZZZZZoemmmmm!

Meer weten .....

Logeren zonder te betalen

Ze zijn geel. Ze hebben zwarte strepen. En ze steken. Wie zijn ze? Wespen, roept iedereen dan! Of anders bijen! Terwijl de meeste wespen en bijen helemaal niet steken. Er zijn in België 380 soorten bijen en wespen en daarvan zijn er maar 10 soorten die steken. Je hoeft dus helemaal niet hard te schreeuwen als er iets geels met zwarte strepen op je ijsje komt zitten.
Wespen of bijen die steken, leven in grote kolonies om hun nest of korf te verdedigen! Maar er zijn ook wespen en bijen die niet van grote groepen houden. Zij bouwen liever een nestje voor zichzelf. Of ze gaan op hotel! Wat je hier ziet is een insectenhotel, alleen voor gasten die niet steken!
De metselbij komt hier graag logeren. Ze verdeelt haar ruime kamer in een stuk of tien aparte kamertjes, telkens met een zelf gemetseld muurtje ertussen. In ieder kamertje komt een eitje met een voorraad stuifmeel. Zo heeft de larve die uitkomt onmiddellijk wat te eten. Uit de kamertjes achteraan komen vrouwtjesbijen. Uit de kamertjes vooraan komen mannetjesbijen.
Hotelkamers die bezet zijn hebben een deurtje dat op slot zit met is een propje modder. Het deurtje gaat pas open als de jonge bijen klaar zijn om uit te vliegen. Ze knagen een gaatje en vertrekken uit het hotel, zonder te betalen. Zo gaat dat in de natuur.

Doen!

Duid iemand aan die het ‘ijsje’ speelt. Hij moet in het midden van een kring gaan staan met zijn ogen dicht. Nu zoemt iedereen om het ijsje heen, zoals wespen. Zzzzz. Eén wesp mag het ijsje steken. Prik! Het ijsje probeert daarna te raden welke wesp heeft gestoken.

Beestjeshoek

Jonge plantjes vindt hij top,
maar hij ruimt ook afval op.
Rood, bruin, zwart of mokkacrème
en altijd met een hoop geslijm.
Een huisje of kleren heeft hij niet.
Een ………………………. wil dat je ‘m in zijn blootje ziet.

(Neem de eerste letter.)

Dijlewolvenlied

Het Dijlewolvenlied

Als het kriebelt tussen je tenen
kijk dan even naar de grond
zoveel beestjes hier beneden
die je in de Zoo niet vond

Meer weten .....

Hoop in de broedhoop!

Het vliegend hert is geen hert. Het is een kever, maar dan wel één met een gewei. Het vliegend hert is een belevenis, want gewei inbegrepen is hij 9 centimeter lang! In Overijse zitten veel vliegende herten. Maar wij willen ook vliegende herten in Leuven! Daarom heeft professor Thilalupus hier een broedhoop gebouwd met oude eiken balken.
Onderaan de broedhoop vreten de larven zich te barsten aan het dode hout, 5 jaar lang. Tot ze zo groot zijn als dikke scampi. Of dat hopen we toch! Er is altijd hoop in de broedhoop!
En anders kunnen we altijd nog dromen van de neushoornkever. Die is kleiner, maar is nog altijd een kanjer van een kever, met een hoorn op zijn kop. Ook de larven van de neushoornkever worden groot in een broedhoop.

Doen!

Ga bovenop de broedhoop staan, steek je armen in de lucht, spreid ze als een gewei en roep: ‘Broedhoop doet leven!’

Voedselpiramide

Ja, mijn naam die mag je weten:
ik heb altijd ‘meikever’ geheten
Maar wat ik nu van jou wil horen
Hoe heten mijn larfjes, pasgeboren?
Aardappelboeren vinden ze ’n eng ding
Ze heten dan ook ………………………………………

(Neem de eerste letter.)

Dijlewolvenlied

Het Dijlewolvenlied

In Egypte: piramides!
Maar ook hier op’t Leuvens gras.
Klim naar boven en beneden
Stel je voor dat je een sperwer was

Meer weten .....

Tussen madeliefje en slechtvalk

In de natuur is alles eten, van een madeliefje tot een slechtvalk, en alles tussenin. Moeten we even uitleggen! Op een madeliefje zaten eens 3 bladluizen. Ze werden opgeslokt door een lieveheersbeestje. Dat beestje vloog pardoes in het web van een kruisspin. Die spin kreeg bezoek van een pimpelmees met honger. En die pimpelmees werd opgepeuzeld door de slechtvalk.
Een rotbeest, die slechtvalk? Maar toen de slechtvalk doodging, werd hij op zijn beurt opgegeten door maden en wormen. Zij maakten de meststof, waardoor madeliefjes zo goed konden groeien. Ja, ja, echt alles is eten in de natuur! Ze noemen het de voedselkringloop, omdat ieder einde het begin is van wat anders.
Gelukkig zijn er meer madeliefjes dan slechtvalken! Madeliefjes staan onderaan in de voedselpiramide. De slechtvalk zit in het topje van de voedselpiramide. In Leuven nestelt de slechtvalk graag in een kast op het hoogste dak.
Als meneer en mevrouw slechtvalk zich naar beneden storten, bijvoorbeeld om een pimpelmees te klauwen, halen ze snelheden van meer dan 300 kilometer per uur. Hoog vallen gaat natuurlijk vanzelf snel. Maar slechtvalken kunnen ook écht goed vliegen. Tijdens een gewone vlucht gaan ze makkelijk 100 kilometer per uur vooruit. Jammer voor de pimpelmees.

Doen!

Klim omhoog op de voedselpiramide. Verander onderweg van madeliefje in bladluis, in lieveheersbeestje, in kruisspin … Tot je een slechtvalk bent. Dan mag je morsdood neervallen. Voor de wormen.

Kruidenhoek

Mijn heerlijke geur herken je vast
uit de keukenkruidenkast
Ik werd al vaak in pesto gedaan
Maar heb ik bloemen? Laat me dan maar staan!
Nog een tip? Een kledingstuk en ook een dier!
Kijk eens naar beneden! ……………………… vind je hier

(Neem de eerste letter.)

Dijlewolvenlied

Het Dijlewolvenlied

Glazen potjes, vol met kruiden
die je in de saus kan doen
Al dit heerlijks uit de keuken
staat hier gewoon tussen het groen

Meer weten .....

Proeven & likken

Vlinders zijn betoverde heksen die op zoek zijn naar boter en slagroom. Dat is wat je in oude boeken leest. Daarom heet een vlinder in het Engels nog altijd butterfly (botervlieg).
In het écht eten vlinders geen boter of slagroom. Ze hebben een lange, opgerolde tong. Daarmee slurpen ze sapjes op. Ze houden het meest van nectar uit bloemen. Maar éék! Ze lusten ook rot fruit, zweet en pies.
Onderaan hun pootjes zitten superproevers. Tarsen, zo heten de klauwtjes. Daarmee proeven vlinders op welke plant ze zitten. Of in welk vies plasje natuurlijk.
Vijand nr. 1 van vlinders zijn pesticiden. Gebruik daarom zo weinig mogelijk vergif. Vijand nr. 2 van vlinders zijn opgeruimde tuinen. Zorg daarom voor een rommelig hoekje in de tuin. Vlinders leggen hun eitjes graag op een verborgen plekje.
Vlindereitjes zijn piepklein. Ze hebben allemaal een gaatje voor het zaad van de mannetjesvlinder.
De rups die na 1 tot 3 weken uit het eitje komt heeft maar één taak: eten. Rupsen zijn vreetmachines. Pas als ze genoeg hebben, sluiten ze zich op in een pop en veranderen ze langzaam in een vlinder.

Doen!

Doe je ogen dicht. Voel met je pootjes aan je buur, en probeer zoals een vlinder te proeven wie hij is.

Gierhoek

Als echte imitatiekerel
lijk ik op een gevlekte merel
’s Avonds zitten we op de daken
waar we onze slaapplaats maken
Maar eerst gaan we samen nog wat schreeuwen
Weet je ’t al? Wij zijn de ……………………………………….

(Neem de eerste letter.)

Dijlewolvenlied

Het Dijlewolvenlied

Hoog boven wilg en linde
zie je ze vliegen, draaien, gieren
nooit gaan zij eens even zitten
ze hebben vast heel sterke spieren

Meer weten .....

Beestjes & bochtenwerk

De gierzwaluw is geen zwaluw. Hij klinkt alleen maar zo. Wriiih, wriiih, wriiih. Eigenlijk is hij familie van de kolibrie!
Ook vreemd is dat de gierzwaluw niet kan lopen. Hij kan alleen maar vliegen. Hij slaapt zelfs in de lucht. Zoals wij heeft hij 2 hersenhelften. De ene helft slaapt, de andere helft vliegt.
In de lente komt de gierzwaluw uit het zuiden van Afrika naar Leuven. Afstand? 7000 kilometer! Na 100 dagen vliegt hij weer terug.
De gierzwaluw is een supervlieger. Niemand kan zo goed zigzaggen als hij. Wriiih, wriiih, wriiih. Om de 7 seconden vangt hij een beestje. Daarom moet hij in zo veel bochten vliegen!

Doen!

Laat je beste bochtenwerk zien. En vang onderweg misschien … een beestje. Met je mond open natuurlijk! Wriiih, wriiih, wriiih.

Waterhoek

Overdag doe ik mijn oogjes toe
’s Avonds roep ik zacht ‘oe oe’
Sommigen wonen in een kerk
Anderen in een oude berk
Misschien vind jij een braakbal vuil,
maar ja, zo gaat dat nu eenmaal bij een ………….

(Neem de eerste letter.)

Dijlewolvenlied

Het Dijlewolvenlied

In de badkuip, in de thee
in de soep en in de zee
Zonder water, nergens leven
Drink een glas en zeg ‘santé’

Meer weten .....

Paradijs met monsters

In het kleine paviljoen van het Dijlepark woont professor Thilalupus. Tenminste als hij niet op reis is. Want de professor is vaak van huis. Om nieuwe dingen te ontdekken moet je nu eenmaal naar buiten! Heb je trouwens het huisdier van de professor al gevonden? Hij is altijd thuis. Hij houdt de wacht bij het water. Ook al is hij een eend.
Eenden zijn geen lieverdjes. Als ze boos zijn leggen ze hun snavel op het water en zwemmen ze met uitgespreide vleugels . Zo maken ze elkaar bang. Als het daarna nog ruzie is dan duwen eenden elkaar kopje onder. Soms zo lang dat de ander niet meer bovenkomt en verdrinkt. Nee, dit vijvertje is niet altijd het paradijs.
Kikkers kunnen erover meespreken. Zij hebben schrik van de reigers in het park. Reigers zijn prachtige vogels met zilverblauwe franjes in hun nek. Ze kijken sierlijk in de spiegel van de vijver. Maar zodra er iets beweegt, schiet hun bek als een dolk het water in. Hap. Slik. Kikker dood. Of het eendje. Of het visje. Valt er dan niks vrolijks over dit park te vertellen? Gelukkig wel! Hier groeien verwilderde tuinkruiden. Het zijn stinzenplanten en zijn typisch voor oude parken in Leuven. De vingerhelmbloem is zo een stinzenplant. Het is een paarse klokjesbloem, die hier honderden jaren geleden in de lente ook al stond.

Doen!

Een kikker kan vér springen, tot 20 keer zijn eigen lengte. Hoe ver spring jij vanuit stilstand? Denk aan de reiger en doe er nog een centimeter bij!